Soortenrijkdom

Een belangrijke graadmeter voor de kwaliteit van het landschap is een grote soortenrijkdom van dieren en planten die hier van nature voorkomen. Deze biodiversiteit helpt bijvoorbeeld bij aan natuurlijke plaagbestrijding, bevordert de opname van CO2, verhoogt de bestuiving van gewassen en natuurlijke beplanting, helpt tegen klimaatopwarming, voorkomt erosie, uitdroging en overstromingen en vergroot de natuurbeleving.

Landschapsbeheer Groningen zet zich daarom in voor soorten die hier van nature voorkomen.

Binnen deze programmalijn richten we ons vooral op bescherming van soorten die op de 'Lijst Groninger soorten en habitats' staan. Dit zijn soorten die sterk gebonden zijn aan het (cultuur)landschap van Groningen of hier voorkomen en sterk achteruitgaan. Binnen deze projecten werken we aan het herstellen van de leefomgeving van een individuele soort. Een mooi voorbeeld is ons project 'Een nest voor de ransuil', waarbinnen we het nestaanbod voor ransuilen vergroten in samenwerking met vrijwilligers.

In een aantal projecten kiezen we voor het verbeteren van de habitat van een specifieke gidssoort. Als een gidssoort het goed doet, betekent dit dat andere soorten meeprofiteren. Een mooi voorbeeld is het project Nederland Zoemt dat zich richt op wilde bijen. Zij zijn een van de weinige insectensoorten waarvan de larven stuifmeel eten in plaats van bladeren. Wilde bijen hebben hierdoor gemiddeld meer planten nodig om voldoende voedsel te vinden dan de meeste andere insectensoorten. Dit betekent dat als de wilde bijen ergens kunnen overleven, er ook genoeg voedsel aanwezig is voor veel andere insectensoorten.